Hongarije heeft ruim 10 miljoen inwoners, waarvan het merendeel (92%) etnische Hongaren. Er zijn verschillende kleine etnische minderheden, waarvan de Roma Zigeuners ( 5%) en de Duitsers (1,2%) de belangrijkste zijn. Daarnaast zijn er nog tal van minderheden die minder dan 1% van de bevolking uitmaken, zoals de Roemenen, Slovaken, Serviërs en de Oekraïners.
De grootste kerk (ca. 64% van de bevolking) is de Rooms-Katholieke Kerk. Van de protestantse kerken is de Hongaarse Gereformeerde Kerk de grootste. Deze heeft vooral aanhang in het oosten van het land.
Het Hongaars (magyar) is de enige officiële taal van Hongarije. Het is een Finoegrische taal, die geen enkele verwantschap heeft met de naburige talen. Doordat tijdens het de communistische overheersing (1945-1989) Hongaren geen Westerse talen mochten leren, kennen de meesten enkel Hongaars (en Russisch), wat voor toeristen vaak lastig is. Jongeren kennen wel in toenemende mate Engels, ouderen kennen vaak nog Duits.