Frisse lucht

Wat is het dat frisse lucht zoveel doet VOOR een mens?
Dat een beetje zonlicht zoveel doet IN een mens?
Dat natuur doet VOOR ons, wat een mens niet in ons kan bewerken?

Toen ik net even m’n ochtendrondje liep, in het zonnetje, frisse vrieslucht om me heen, prachtige weilanden, wilgen, slootjes en zwanen, bedacht ik me hoezeer wij dit nodig hebben. Hoe een mens hiervan opknapt … een beetje frisse lucht, natuur en ruimte.

Ik kreeg een paar dagen geleden een profetie (voor /over mijzelf) en daar stond o.a. in hoe God Zich niet in had gehouden met de Schepping. Dat vond ik zo mooi! God heeft Zich niet ingehouden! God heeft Zijn best gedaan er iets heel moois van te maken, mooier dan mooi! Want wat is de Schepping toch ongelooflijk mooi! Soms zie je reportages op tv over de natuur en dan kan je het bijna niet geloven dat het daar zo mooi is. En je dan te beseffen dat er in Schepping nog steeds heel veel verborgen ligt wat wij nog nooit gezien hebben.

‘De Schepping wacht op het openbaar worden van de zonen Gods.’ Dat is nog niet gebeurd, dus heeft de Schepping zich nog steeds niet ten volle geopenbaard.

IN de Schepping ligt iets … iets puurs en ‘frissigs’ wat we alleen daar maar vinden. En dat ‘puur en frissigs’ is iets wat onze ziel beroert en opwekt. Maar OOIT gaan we het zien! Geweldig !

Ik hou van Gods beloftes! Eén staat al jaren in mijn kamer. Ik hou ervan om er naar te kijken en me te herinneren hoe het ooit was en hoe het nu is. Terwijl ik wandelde, bedacht ik me ook dat als ik met alle macht vasthou/blindstaar aan het feit dat één stukje van deze belofte nog nooit is uitgekomen … dat ik dan niet ten volle kan genieten van alles wat er al wel is gebeurd.

Eén deel van de belofte, waar ik zo naar verlangd heb, maar die nog nooit is gekomen. Ik dacht dat het zo zou zijn … dat dit er ook bij hoorde, want anders klopt het toch niet … pas dan is het toch compleet?! … ik … ik …

Maar wat dacht God?
Wat ging door Gods gedachten toen ik deze belofte kreeg van Hem? Dacht God toen ook zoals ik toen dacht, nu denk?
‘Zijn Gods gedachten niet hoger dan de mijne?’
De Bijbel zegt het, maar ik was het even vergeten …  in dit stukje. Misschien hoop of verwacht ik wel iets wat helemaal niet op die manier in Zijn belofte ligt. Misschien heb ik het wel verkeerd geïnterpreteerd? Ik weet het niet!

  • Wat ik WEL weet, is dat ik er niet meer mee bezig wil zijn.
  • Wat ik WEL weet, is dat God groter is dan ik, het ook beter weet dan ik en dat ik me DAAR aan vast wil houden.

‘Heer, het is aan U, U weet het Heer! Ik wil U ook hierin vertrouwen en mij vasthouden aan het feit dat U het ALTIJD beter weet dan ik.’

Blindstaren op iets wat er nog niet is, is met recht ‘blind-staren’. Iemand die staart ziet vaak niet wat er is … die kijkt, zonder echt te kijken maar wat voor zich uit. Als je dan ook nog blind-staart … zie je helemaal niets. Je ziet dan ook niet wat er wel gebeurt. Door mij hiervan bewust te zijn, kon ik dat stuk loslaten en tegen mijzelf zeggen: ‘Staar je er niet blind op, Anneke! Laat los!’

Praktijk:

  • Komt je dit bekend voor?
  • Staar jij je misschien ook ergens blind op?
  • Zou je dit aan God over willen geven?
  • Zou je Hem, ook in dit stuk de regie willen geven door te zeggen : Heer, U weet het!

Gods wijsheid voor jou en Zijn kracht om los te laten.